FILOSOFIE, AUTHENTICITEIT IN DE KUNST: WAT MAAKT EEN KUNSTWERK WAARDEVOL?
8 november | 14:30 – 16:30

Het is niet ongewoon meer om bij vrienden op bezoek te zijn en het Meisje met de Parel van Johannes Vermeer in de woonkamer te zien hangen. Bij de Ikea koop je behang met een opdruk van de Nachtwacht en Van Goghs Sterrennacht draag je tegenwoordig op je sokken.
Behalve deze alomtegenwoordigheid beroemde werken is er recentelijk een nieuw fenomeen ontstaan: AI-kunst, waarbij compleet ‘nieuwe’ werken worden gegenereerd door een computermodel dat getraind is op beelden van het internet, als een soort gehaktmolen voor menselijke kunstwerken. Deze kunst kan best heel mooi zijn, inspireren, zelfs niet van menselijk te onderscheiden; wat is de status van dit soort ‘kunst’?
Voor deze bijeenkomst nemen we Benjamins essay uit 1933, ‘Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid’ opnieuw bij de hand. Hij vraagt zich in dit essay af wat er gebeurt met de status en functie van het kunstwerk als dit met mechanische technieken, zoals fotografie en litho, kan worden gekopieerd en verspreid. Volgens Benjamin verliest het kunstwerk zijn ‘aura’, de bijzondere uitstraling of ‘authentieke aanwezigheid in tijd en ruimte’, bijvoorbeeld de plek die het inneemt in een cultuur of ritueel. Welke gevaren en politieke potenties brengt dit mee?
Inleiding en gespreksbegeleiding worden verzorgd door filosoof en docent Werner van Rossum.
Entree: € 11 – < € 25 jaar: € 5