LEZING, MODERNE/HEDENDAAGSE KUNST
16 oktober | 20:00 – 22:00

Dr. Wil Uitgeest laat zien dat kunstwerken van onze tijd nieuwe ervaringsgebieden onthullen, die botsen op de oude wereldorde en grote spanningen met zich meebrengen. De kunst blijkt hierover een verhaal te vertellen met meer perspectief dan tegenwoordig uit de krantenkoppen spreekt.
Vanaf eind 19e-begin 20e eeuw zijn er in de beeldende kunst grote veranderingen waar te nemen. Het is alsof men een drempel is overgegaan: de ‘muren’ van de zintuiglijk waarneembare ruimte zijn in de formeel-abstracte kunstrichtingen van de 20e eeuw als het ware doorzichtig geworden. In het kubisme kwamen nog brokstukken voor van de zintuiglijk waarneembare wereld, maar uiteindelijk lost die geheel op in een wereld van structuur, maat en evenwicht.
Naast deze bovenaardse sferen van maat en evenwicht kwam echter ook de confrontatie met een duister, onbewust gebied in het menselijk innerlijk. Ook deze drempelovergang werd in de kunst zichtbaar: ‘In deze tijd heeft wat men altijd noemde/schoonheid schoonheid haar gezicht verbrand’ schreef Lucebert na de verschrikkingen van WOII.
Tot slot waren er de kleuren, die zich losmaakten van de vormenwereld en een eigen leven gingen leiden. De kleur als zelfstandig beeldelement sprak een nieuwe taal, met grote diepgang en ‘n rijkdom aan uitdrukkingsmogelijkheden.
In deze ontwikkelingen wordt volgens Wil Uitgeest een verandering zichtbaar in ons begrip van de werkelijkheid. Ook in de wetenschap en de filosofie kwam dit tot uitdrukking: Einsteins relativiteitstheorie en de kwantumfysica, de ‘ontdekking’ van het onbewuste door Freud en Jung, Husserl met zijn fenomenologie etc.
Gemeenschappelijk in deze ontwikkelingen is dat hierin langs verschillende wegen een niet zintuiglijke dimensie werd erkend en onderzocht. Daarin bleken krachten aanwezig die in zekere zin de veroorzakers zijn van de wereld die we met de zintuigen kunnen waarnemen.
Deze bewustzijnsverandering is nog bezig om zich te voltrekken. De ‘oude’ wereldorde zet z’n hakken in het zand, reactionaire stromingen proberen het tij te keren. De kunstenaar Joseph Beuys schreef: ‘Kunst is er voor de opvoeding van de zintuigen, voor de ontwikkeling van nieuwe organen die we allicht nog helemaal niet bezitten.’ Wil Uitgeest gaat ervan uit dat we deze nieuwe organen nodig hebben, omdat we onze huidige (wereld)problemen niet kunnen oplossen met hetzelfde denken dat ze heeft veroorzaakt.
Albert Einstein: De mens ervaart zichzelf, zijn gedachten en gevoelens als iets wat gescheiden is van de rest, een soort optisch bedrog van zijn bewustzijn. Deze waan is een soort gevangenis die ons beperkt tot onze persoonlijke verlangens en tot genegenheid voor slechts een paar mensen. Onze taak moet zijn ons uit deze gevangenis te bevrijden door de kring van ons mededogen uit te breiden en alle levende wezens en de hele natuur in haar schoonheid te omarmen.
Tot slot wordt in deze lezing aandacht besteed aan hedendaagse kunstenaars die deze uitspraak van Einstein in hun werk al waar maken.
Wil Uitgeest is schilder en auteur. Ze schreef een aantal boeken en vele artikelen, plus een proefschrift over kleur. Dit bevat o.a. een eigen onderzoek naar de dynamiek van de kleur blauw. Daarnaast interviewt ze graag mensen. De verhalen die daaruit ontstaan worden in het tijdschrift Vruchtbare Aarde gepubliceerd en zijn onlangs gebundeld in een boek. Tot slot vindt zij het werken aan haar schilderijen oneindig fascinerend omdat dit haar in contact brengt ‘met iets dat onsterfelijk is’.
Entree: € 11 – < 25 jaar: € 5


